Zondag 29 maart 2020, dienst via kerkdienstgemist

Zondag 29 maart 2020, 10.00 uur Maartenskerk, Kerkdienstgemist-dienst

Hoe vind ik ‘kerkdienst gemist’? U klikt in de bovenste regel op ‘Niet geweest op zondag’. Dan ziet u op uw scherm de tekst staan die begint met: ‘Soms lukt het niet om op zondag naar de kerk te gaan’. Het laatste woord van deze alinea is ‘kerkdienstgemist’. Klik hierop en er opent een nieuw scherm. Klik op de dienst / datum van uw keuze, middenin ziet u dan een cirkel met een driehoek erin. U klik daarop en dan begint de uitzending.
Om te voorkomen dat de netwerken overbelast raken vragen wij u te luisteren in twee groepen. Families met de achternaam A t/m K vragen wij te luisteren vanaf 10.00 uur en de andere helft vanaf 11.00 uur.

Muziek

Welkomstwoord en mededelingen door de ouderling van dienst Henk Geljon

Moment van stilte

Bemoediging
We spreken uit dat onze hulp is in de Naam van de Heer, die hemel en aarde gemaakt heeft, die trouw blijft tot in eeuwigheid en niet loslaat het werk van zijn handen.

Groet
Daarom groeten we elkaar namens God: Genade en vrede, u en jullie allemaal, van God onze Vader en van Jezus Christus de Heer. Amen.

Gebed van toenadering
Laten we bidden: Heer onze God, eens temeer beseffen we onder deze omstandigheden: wat zijn wij zonder U. Onze geest heeft uw licht nodig, onze wil uw kracht, onze ziel uw vrede. Neem ons leven dan in uw handen en maak ons met hart en ziel ontvankelijk voor uw heil … gebedsstilte … Geef dat wij leven op de adem van uw stem en in de Geest van uw Zoon, uit op gerechtigheid en waarheid, bekommerd om andermans geluk. Dit bidden wij U in de naam van Jezus Christus, onze Heer. Amen.

Inleiding op de zondag

Muziek: Lied 1003 Stil is de straat overal (aangepast, MijnKerk.nl)

Schriftlezing: Johannes 11:1-4,17-44 door Marja Faber

Er was iemand ziek, een zekere Lazarus uit Betanië, het dorp waar Maria en haar zuster Marta woonden. Dat was de Maria die Jezus met olie gezalfd heeft en zijn voeten met haar haar heeft afgedroogd; de zieke Lazarus was haar broer. De zusters stuurden iemand naar Jezus met de boodschap: ‘Heer, uw vriend is ziek.’ Toen Jezus dit hoorde zei hij: ‘Deze ziekte loopt niet uit op de dood, maar op de eer van God, zodat de Zoon van God geëerd zal worden.’
Toen Jezus daar aankwam, hoorde hij dat Lazarus al vier dagen in het graf lag. Betanië lag dicht bij Jeruzalem, op een afstand van ongeveer vijftien stadie, en er waren dan ook veel Joden naar Marta en Maria gekomen om hen te troosten nu hun broer gestorven was. Toen Marta hoorde dat Jezus onderweg was ging ze hem tegemoet, terwijl Maria thuisbleef. Marta zei tegen Jezus: ‘Als u hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn. Maar zelfs nu weet ik dat God u alles zal geven wat u vraagt.’ Jezus zei: ‘Je broer zal uit de dood opstaan.’ ‘Ja, ‘zei Marta, ‘ik weet dat hij bij de opstanding op de laatste dag zal opstaan.’ Maar Jezus zei: ‘Ik ben de opstanding en het leven. Wie in mij gelooft zal leven, ook wanneer hij sterft, en ieder die leeft en in mij gelooft zal nooit sterven. Geloof je dat?’ ‘Ja Heer, ‘zei ze, ‘ik geloof dat u de messias bent, de Zoon van God die naar de wereld zou komen.’ Na deze woorden ging ze terug, ze nam haar zuster Maria apart en zei: ‘De meester is er, en hij vraagt naar je.’ Zodra Maria dit hoorde ging ze naar Jezus toe, die nog niet in het dorp was, maar op de plek waar Marta hem tegemoet was gekomen. Toen de Joden die bij haar in huis waren om haar te troosten, Maria zo haastig zagen weggaan, liepen ze achter haar aan, want ze dachten dat ze naar het graf ging om daar te weeklagen. Zodra Maria op de plek kwam waar Jezus was en hem zag, viel ze aan zijn voeten neer. Ze zei: ‘Als u hier was geweest, Heer, zou mijn broer niet gestorven zijn!’ Jezus zag hoe zij en de Joden die bij haar waren weeklaagden, en dat ergerde hem. Diep bewogen vroeg hij: ‘Waar hebben jullie hem neergelegd?’ Ze zeiden: ‘Kom maar kijken, Heer.’ Jezus begon ook te huilen, en de Joden zeiden: ‘Wat heeft hij veel van hem gehouden!’ Maar er werd ook gezegd: ‘Hij heeft de ogen van een blinde geopend, hij had nu toch ook de dood van Lazarus kunnen voorkomen?’ Ook dit ergerde Jezus. Hij liep naar het graf, een spelonk met een steen voor de opening. Hij zei: ‘Haal de steen weg.’ Marta, de zuster van de dode, zei: ‘Maar Heer, de stank! Hij ligt er al vier dagen!’ Jezus zei tegen haar: ‘Ik heb je toch gezegd dat je Gods grootheid zult zien als je gelooft?’ Toen haalden ze de steen weg. Daarop keek hij omhoog en zei: ‘Vader, ik dank u dat u mij hebt verhoord. U verhoort mij altijd, dat weet ik, maar ik zeg dit ter wille van al die mensen hier, opdat ze zullen geloven dat u mij gezonden hebt.’ Daarna riep hij: ‘Lazarus, kom naar buiten!’ De dode kwam te voorschijn, zijn handen en voeten in linnen gewikkeld, en zijn gezicht bedekt door een doek. Jezus zei tegen de omstanders: ‘Maak de doeken los, en laat hem gaan.’

Overdenking

Muzikaal meditatief moment: Jezus is ons licht en leven (Nederland Zingt)

Gebeden, afgesloten met Onze Vader (alleen door de voorganger)

Onze Vader, Die in de hemelen zijt,
Uw Naam worde geheiligd,
Uw Koninkrijk kome,
Uw wil geschiede,
gelijk in de hemel alzo ook op de aarde.
Geef ons heden ons dagelijks brood
en vergeef ons onze schulden,
gelijk ook wij vergeven onze schuldenaren.
En leid ons niet in verzoeking,
maar verlos ons van de boze.
Want van U is het Koninkrijk,
en de kracht, en de heerlijkheid,
tot in eeuwigheid.
Amen.

Zegen

Muziek: Lied 415 Zegen ons Algoede (Nederland Zingt)