Zondag 11 oktober 2020

Zondag 11 oktober 2020, Maartenskerk 10.00 uur, Israëlzondag, max. 30- en kerkdienstgemist-dienst

• Orgelspel

• Welkomstwoord en mededelingen

• Declamatie en pianospel Lied 290

(allen gaan staan)

• Moment van stilte

• Groet
v Genade en vrede, u en jullie allemaal,
van God onze Vader en van Jezus Christus de Heer.
a Amen.

• Bemoediging
v Onze Hulp is in de Naam van de Heer,
a die hemel en aarde gemaakt heeft,
v die trouw blijft tot in eeuwigheid
a en niet loslaat het werk van zijn handen.

• Gebed van toenadering / aanvangsgebed, afgesloten met …
v .… dit bidden wij U in de naam van Jezus Christus, onze Heer.
a Amen.

(allen gaan zitten)

• Inleiding op de zondag en gebed

• Antwoordlied: Lied 992 (pianospel en solozang)

• Inleiding op de Schriftlezing(en) en/of gebed

• Schriftlezing(en) door de lector

1ste Schriftlezing: Jesaja 25:1-6
“HEER, u bent mijn God. Ik zal u hulde bewijzen, uw naam loven. Want wonderbaarlijk zijn uw daden, u hebt uw beleid sinds mensenheugenis trouw en betrouwbaar uitgevoerd. Hun stad hebt u tot een bouwval gemaakt, hun versterkte vesting tot een ruïne; het bolwerk van barbaren is geen stad meer. Nooit zullen ze herbouwd worden. Daarom zal het gewelddadige volk u eren, de stad van wrede volken ontzag voor u tonen. U was een toevlucht voor de zwakken, een toevlucht voor de armen in hun nood, beschutting tegen stortbuien, schaduw tegen hitte. Want het woeden van die wrede volken is als een stortbui tegen een muur, als hitte in een dorre streek. U doet het barbaarse gejoel verstommen, u tempert de triomf van tirannen, zoals de schaduw van een wolk de hitte tempert. Op deze berg richt de HEER van de hemelse machten voor alle volken een feestmaal aan: uitgelezen gerechten en belegen wijnen, een feestmaal rijk aan merg en vet, met pure, rijpe wijnen.” (NBV)

2de Schriftlezing: Mattheüs 22:1-14
“Daarop vertelde Jezus hun opnieuw een gelijkenis: ‘Het is met het koninkrijk van de hemel als met een koning die een bruiloftsfeest gaf voor zijn zoon. Hij stuurde zijn dienaren erop uit om de bruiloftsgasten uit te nodigen, maar die wilden niet komen. Daarna stuurde hij andere dienaren op pad met de opdracht: “Zeg tegen de genodigden: ‘Ik heb een feestmaal bereid, ik heb mijn stieren en het mestvee laten slachten. Alles staat klaar, kom dus naar de bruiloft!’ ” Maar ze negeerden hen en vertrokken, de een naar zijn akker, de ander naar zijn handel. De overigen namen zijn dienaren gevangen, mishandelden en doodden hen. De koning ontstak in woede en stuurde zijn troepen erop af, hij liet de moordenaars ombrengen en hun stad in brand steken. Vervolgens zei hij tegen zijn dienaren: “Alles staat klaar voor het bruiloftsfeest, maar de gasten waren het niet waard genodigd te worden. Ga daarom naar de toegangswegen van de stad en nodig voor de bruiloft iedereen uit die je tegenkomt.” De dienaren gingen de straat op en brachten zo veel mogelijk mensen samen, zowel goede als slechte. En de bruiloftszaal vulde zich met gasten voor de maaltijd. Toen de koning binnenkwam om te zien wie er allemaal aanlagen, zag hij iemand die zich niet in bruiloftskleren gestoken had, en hij vroeg hem: “Vriend, hoe ben je hier binnengekomen terwijl je niet eens een bruiloftskleed aanhebt?” De man wist niets te zeggen. Daarop zei de koning tegen zijn hofdienaars: “Bind zijn handen en voeten vast en gooi hem eruit, in de uiterste duisternis, waar men jammert en knarsetandt. Velen zijn geroepen, maar slechts weinigen uitverkoren.”’” (NBV)

• Muzikaal intermezzo (kort)

• Overdenking

• Muzikaal meditatief moment

• Lied na de preek: Lied 175 (pianospel en declamatie door voorganger, in afwisseling met de lector)

• Dankzegging en voorbeden, stil gebed en gezamenlijk Onze Vader

• Collectemoment, mededelingen over de deelneming aan de collecte (mandjes aan de uitgang of overmaken).

(allen gaan staan)

• Slotlied: Lied 878 (pianospel en solozang)

• Zegen

• Pianospel